Zo'n 30 mensen waren naar de voor mij nieuwe bibliotheek van Terneuzen gekomen om naar de lezing te luisteren. Elf jaar geleden gaf ik er ook een lezing, over Tussenland, mijn boek over Zeeuws-Vlaanderen. Dat was in het oude gebouw waar ik als kind veel kwam. Ik gaf de lezing samen met Fryda Evertse, psychater in ruste en vrijwilliger van de Werkgroep Herkenning.
In het eerste deel van de lezing vertelde ik over het ontstaan van mijn roman. Het verhaal dat mijn moeder me ooit vertelde, over de terugkeer van twee NSB-vrouwen in hun dorp na de oorlog vormde het beginpunt van mijn boek.
In het tweede gedeelte ging Fryda dieper in op een van de thema's van mijn boek: intergenerationeel trauma. Het verschijnsel waarbij onverwerkte trauma's, in dit geval een oorlog, onbewust worden overgedragen van de ene generatie op de volgende. Nakomelingen ervaren vaak klachten en angsten zonder de gebeurtenis zelf te hebben meegemaakt.
Ook vertelden we meer over het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR). Want voor het schrijven van Kleurhonger deed ik uitgebreid onderzoek in dit archief. In de dossiers zijn de onderzoeken en berechtingen vastgelegd van mensen die na de Tweede Wereldoorlog werden verdacht van collaboratie. Verschillende gebeurtenissen uit deze archieven vonden hun weg naar de roman. Het CABR is momenteel actueel nu de wijziging van de Archiefwet naar de Kamer is gestuurd waardoor het archief binnen afzienbare tijd online toegankelijk wordt.